Nummer 6: 1 mei tot en met 30 juni 2015

Nummer 21: 1 november  2017 tot en met 3 januari 2018

Nieuwsbrief Fiscale Advocatuur |  januari 2018

Tax in the City

 

 

Vier maal per jaar verzorgen wij in ons monumentale tuinhuis aan de Keizersgracht praktijkgerichte seminars over de actualiteiten in de fiscale advocatuur. De winter-editie staat weer voor de deur.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In deze winter-editie bespreken wij de actuele ontwikkelingen op het gebied van het fiscale boete- en strafrecht. Het fiscale klimaat is harder geworden. Steeds vaker is de rol van de juridisch dienstverlener onderwerp van onderzoek als de Belastingdienst meent dat er mogelijk opzettelijk te weinig belasting is betaald. Wanneer kan uw kantoor een verwijt worden gemaakt voor strafbare gedragingen van medewerkers of haar cliënten? Hoe ver reikt uw onderzoek plicht? In deze cursus geven wij antwoord op deze vragen en wordt uw kennis van het fiscale boete- en strafrecht opgefrist. De onderwerpen zullen aan de hand van diverse praktijkvoorbeelden worden toegelicht. Overigens voldoet de cursus aan het PE-reglement van de NOB en RB. Na afloop ontvangt u een bewijs van deelname. Aan de cursus zijn geen kosten verbonden. Aanmelden kan via deze link.

KanPiek Fiscale Advocatuur Amsterdam | Tax in the City Winterwonderland Session

Wetgeving en beleid

 

 

Belastingdienst controleert koersmutaties cryptovaluta.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De staatssecretaris van Financiën heeft bericht dat particulieren de waarde van cryptovaluta in box III moeten aangeven. Koersstijgingen en -dalingen zouden derhalve niet belast behoren te zijn, behalve als de handel in de cryptovaluta het normale vermogensbeheer te buiten gaat. In dat geval kunnen de cryptovaluta in box I worden belast. De staatssecretaris heeft verder laten weten dat elke transactie wordt opgeslagen in een blockchain, waardoor het voor de Belastingdienst mogelijk is om de koersmutaties te controleren en de eigenaar van de cryptovaluta te achterhalen (brief staatssecretaris van Financiën 30 oktober 2017, nr. 2017-0000165171).

Nieuwe btw-aansprakelijkheid voor hypotheek- en pandhouders aangepast.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Als een ondernemer bij een gedwongen verkoop van een zaak de btw niet betaalt, dan kan de ontvanger zich na 1 januari 2018 wenden tot de hypotheek- of pandhouder. Als die zich hebben verhaald op het door de koper betaalde bedrag, kunnen zij aansprakelijk worden gesteld voor de omzetbelasting die over de levering van die zaak verschuldigd is. Die aansprakelijkheid geldt echter alleen als de hypotheek- of pandhouder wist of behoorde te weten dat de omzetbelasting niet of niet volledig door de ondernemer is of zal worden voldaan (Amendement Belastingplan 2018 d.d. 23 november 2017).

Fiscaal procesrecht

 

Uitstel van betaling kwalificeert op zichzelf niet als een rechtvaardigingsgrond om het verdedigingsbeginsel te beperken. 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het verdedigingsbeginsel omvat het recht te worden gehoord alvorens een Unierechtelijk besluit wordt genomen. Dit recht kan in voorkomend geval worden beperkt. Daartoe dient de inspecteur de omstandigheden aan te voeren die in het individuele geval rechtvaardigen waarom hij een belanghebbende niet van te voren in de gelegenheid heeft gesteld te worden gehoord over een voorgenomen aanslag waarbij Europeesrechtelijke aspecten een rol spelen. Een zodanige rechtvaardiging kan volgens de Hoge Raad niet zijn gelegen in de omstandigheid dat uitstel van betaling zal worden verleend (HR 24 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:2980).    

In belastingzaken bestaat naar huidig recht niet de mogelijkheid om getuigen anoniem te horen, ook niet in gevallen waarin de getuige zich door het afleggen van een verklaring zou blootstellen aan gevaar.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Hoge Raad oordeelt dat het op de weg van de wetgever ligt om hieromtrent regels op te stellen (HR 24 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:2986).

Het Hof van Justitie van de EU oordeelt dat het verdedigingsbeginsel niet inhoudt dat de Belastingdienst ambtshalve het integrale controledossier moet verstrekken alvorens een Unierechtelijke aanslag wordt vastgesteld.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het recht op inzage in het dossier ziet alleen op de stukken waarop de aanslag is gebaseerd en alleen na een daartoe strekkend verzoek. Het Hof van Justitie voegt daaraan toe dat het recht op inzage niet absoluut is en onder zwaarwegende omstandigheden beperkingen kan bevatten (HvJ EU 9 november 2017, C-298/16).

Invorderingsrecht

Elke schriftelijke kennisgeving van de ontvanger waarin is vermeld welk bedrag van een betaling aan invorderingsrente is toegerekend kwalificeert als een voor bezwaar vatbare beschikking ex artikel 30, lid 1, Invorderingswet 1990.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Als op een dergelijk overzicht geen rechtsmiddel verwijzing is opgenomen zal een niet-ontvankelijkverklaring wegens termijnoverschrijding achterwege moeten blijven, tenzij aannemelijk is dat de belanghebbende op andere wijze van de bezwaartermijn op de hoogte is geraakt (HR 8 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3084).

KanPiek Fiscale Advocatuur Amsterdam | Invorderingsrente

De De Hoge Raad bevestigt dat als de hypotheek- of pandhouder zijn recht als separatist uitoefent, hij zich mede op de in de verkoopprijs begrepen omzetbelasting kan verhalen. 

 

 

De verplichting tot afdracht van de omzetbelasting rust in een dergelijk geval niet op de hypotheek- of pandhouder, maar op de ondernemer. Op deze regel bestaat uitzondering als de verkoop plaatsvindt op een veiling en indien op grond van artikel 12, lid 5, Wet OB de verleggingsregeling van toepassing is. In die gevallen rust de verplichting tot afdracht van de omzetbelasting respectievelijk op de houder van de veiling en op degene aan wie de levering wordt verricht (HR 15 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3149).

Fiscaal strafrecht

 

De inkeerregeling wordt met ingang van 1 januari 2018 uitsluitend afgeschaft voor verzwegen inkomen uit sparen en beleggen dat in het buitenland is opgekomen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dit betekent dat strafrechtelijke vervolging niet langer is uitgesloten bij een vrijwillige verbetering van buitenlands box III vermogen. Voor andersoortige opzettelijk onjuist ingediende aangiften blijft de huidige inkeerregeling onverkort bestaan. Overigens is er in overgangsrecht voorzien, zodat voor aangiften die voor 1 januari 2018 (moeten) zijn gedaan, nog steeds gebruik kan worden gemaakt van de huidige inkeerregeling (Amendement Overige fiscale maatregelen 2018 d.d. 23 november 2017).

KanPiek Fiscale Advocatuur Amsterdam | Nieuwsbrief Fiscale Advocatuur
KanPiek Fiscale Advocatuur Amsterdam | Nieuwsbrief Fiscale Advocatuur
KanPiek Fiscale Advocatuur Amsterdam | Nieuwsbrief Fiscale Advocatuur
KanPiek Fiscale Advocatuur Amsterdam | Contact
KanPiek Fiscale Advocatuur Amsterdam | Contact
KanPiek Fiscale Advocatuur Amsterdam | Contact